De sportstroom

Alle leerlingen van de sportstroom komen samen in de sportklas. Deze groep krijgt in totaal 5 uren sport & bewegen per week. Binnen deze sporturen zitten de normale gymuren en extra uren waarin je nieuwe, uitdagende en leerzame activiteiten volgt.

Bij een aantal andere vakken komen achtergronden van sport & bewegen aan de orde. Zo loopt sport & bewegen als een rode draad door de opleidding. In de bovenbouw kunnen leerlingen vervolgens kiezen voor het examenvak Bewegen, Sport & Maatschappij (BSM). Met de sportstroom leggen leerlingen eengoede basis voor sportstudies, lerarenopleidingen, de studie bewegingswetenschappen en medische beroepen zoals fysiotherapeut of bewegingstherapeut.

Geen topsporter

De sportstroom is voor leerlingen die geïnteresseerd zijn in sport, sporten gewoon erg leuk vinden of laten een baan willen in de wereld van sport & bewegen. Je hoeft echt geen topsporter te zijn voor deze stroom. Eigenschappen als goed kunnen samenwerken, zelfstandigheid, enthousiasme en doorzettingsvermogen zijn even belangrijk.

De lessen

Binnen de 5 sporturen komen de basisonderdelen die elke brugklasser volgt, aan de orde. Te denken valt aan volleybal, de coopertest, trampoline springen, dans, enzovoort. Daarnaast is er ruimte om sporten verder uit te diepen en komt er een aantal nieuwe uitdagende activiteiten bij. Voorbeelden daarvan zijn beachvolleybal, klimmen, boksen en golf. Deze activiteiten vinden soms ook buiten de school plaats, bijvoorbeeld op de atletiekbaan, een fitnesscentrum of de tennisbaan.

Scheidsrechter

Tijdens de sportlessen ligt de nadruk niet alleen op het sporten zelf. Leerlingen verzorgen bijvoorbeeld ook lessen of ze organiseren een klein toernooitje . In de sportklas komt er meer nadruk op de rol van scheidsrechter, coach en hulpverlener te liggen. Ook bij andere vakken krijg je te maken met thema’s die te maken hebben met sport & bewegen. Zo loopt sport & bewegen als een rode draad door je opleiding.

De docenten

De meeste lessen worden gewoon gegeven door de gymleraar. Maar soms worden ook specialisten ingezet. Dat kan een collega, een specialist in klimmen of een bovenbouwleerling die heel goed kan judoën. Het komt ook voor dat een trainer, instructeur of topsporter een les verzorgt.

Extra’s

Naast de lessen wordt een aantal extra activiteiten georganiseerd. Leerlingen gaan één keer per jaar naar een sportevenement of wedstrijd, bijvoorbeeld de Worldcup schaatsen, een wedstrijd van SC Heerenveen of een ontmoeting van the Capitals Basketball. Ook organiseren we elk jaar een themadag, bijvoorbeeld een watersport- of outdoordag. In het derde leerjaar komt beroepenoriëntatie aan bod. Hier maken onze leerlingen kennis met beroepen die raakvlakken hebben met sport & bewegen.

Kosten

Om een goed en uitdagend programma aan te kunnen bieden, is het noodzakelijk een extra ouderbijdrage te vragen. Het huren van accommodaties, het inhuren van gespecialiseerde docenten, vervoer en allerlei extra’s hebben een prijs. Deze extra bijdrage wordt van te voren bekend gemaakt.